Entomophthora grylli is een schimmel die sprinkhanen infecteert, de schimmel beïnvloedt het gedrag van de onfortuinlijke sprinkhaan die opeens een voorkeur krijgt voor hoge lichte plekken. De geïnfecteerde sprinkhaan klimt naar de top van spriet of stengel en grijpt zich daar, quasi wanhopig, vast en sterft. Door de hoge positie van de sprinkhaan kan de schimmel zich zo efficiënt mogelijk verspreiden.

Vliegen hebben hun eigen schimmel, vind ik ook wel zo netjes, Entomophthora muscae. Vliegen die hiermee geïnfecteerd zijn hebben tevens een voorkeur voor hoge lichte plekken en zuigen zich met hun snuit vast aan bloemen, bladeren of boven aan grassprieten. Het beestje krijgt aldaar wat stuiptrekkingen (noem het een tijdrovende doodstrijd zo U wilt) en sterft uiteindelijk. De sporen, die een eigenlijk best wel lekker warm en trendy ogend jasje vormen, worden vervolgens met kracht weggespoten en zijn van een kleverige slijmlaag voorzien waardoor ze makkelijk aan de volgende slachtoffers blijven plakken.

Er zijn zelfs schimmels die zodanig ontwikkeld zijn dat ze slechts één specifieke soort binnen een groep infecteren.
Ik vind dat dan weer mooi (toegegeven wellicht heb ik zo mijn eigen schimmeltje en ben ik ook reeds malende, ieder zijn spriet).
Men is zelfs bezig met onderzoek of deze schimmel inzetbaar is tegen malaria overbrengende muggen heb ik uit een steeds minder betrouwbare bron, ik ben voor zolang we dan direct ons neefje (of de ’steekmug’ zoals ze over de grens maar blijven volharden…) in die slag kunnen meenemen.

Deze natuurlijke schimmels worden gebruikt als bestrijdingsmiddel en ik neem aan dat dit hier in het Noorden erg populair is, of onze grond is één groot schimmelfestijn want je treft deze slachtoffers periodiek aan bij bosjes. Sprinkhanen, kevers, cicaden, vliegen… nu ja.. U begrijpt. Je zou je natuurlijk ondanks de schoonheid van zo’n schimmel kunnen afvragen wat daar zoal de verdere gevolgen van zijn. Maar goed wellicht lig ik ook iets teveel met mijn neus in het gras… maar toch.. misschien moeten we het neefje toch maar ouderwets met een tijdschrift blijven bestrijden, een beetje nachtelijke beweging is ook weer gezond tenslotte.